De Witte wil vooral belangrijk zijn voor NOAD’67

SINT PHILIPSLAND – Ondanks een belabberde seizoenstart kan NOAD’67 zich toch nog opmaken voor een ‘toetje’ in de vorm van de nacompetitie. De ploeg van aanvaller Joost de Witte heeft dus nog alle kansen op promotie naar de tweede klasse van het zaterdagvoetbal. En daar heeft De Witte zelf ook een grote rol in gespeeld.

Want met een ongekende reeks van vijf winstpartijen met 1 – 0, kenden de manschappen van de scheidend trainer Ad Palings een geweldige tweede periode. Met een periodetitel tot gevolg en dus een plek gegarandeerd in de nacompetitie. De Witte was met vier treffers in die reeks telkens belangrijk als matchwinner. “En dat had niemand nog verwacht. Zeker niet als je na negen wedstrijden slechts twee schamele puntjes bij elkaar hebt gevoetbald. Daarna kenden we dus die mooie reeks en stonden we ineens weer op een voor NOAD ‘normale’ plek in de middenmoot. Het was voor mij persoonlijk natuurlijk ook mooi, omdat ik vier keer met een winnende goal belangrijk was voor de ploeg.”

De Witte (22) mag zich met recht een laatbloeier noemen als het gaat om voetballen in competitieverband. Zijn reformatorische achtergrond weerhield hem lang van het spelen van competitievoetbal. Maar toen hij achttien jaar geworden was, was zichzelf inschrijven als lid van NOAD’67 het allereerste wat hij deed. “Mijn ouders vonden voetbal maar niks, en vanaf het moment dat ik zelf mocht beslissen heb ik mezelf direct hier aangemeld. Want voetbal is voor mij heel belangrijk. Ik deed het al heel lang, maar nooit in competitie. Was wel uren te vinden in de voetbalkooi maar dat is toch helemaal anders. Vanaf mijn achttiende kon ik wedstrijden spelen, om het echie. Dat was wat ik wilde.”

En de snelle aanvaller liet zien dat hij over het nodige talent beschikte, want na slecht een half jaartje in het tweede elftal werd hij al door Palings bij het eerste elftal gehaald, om er nooit meer te verdwijnen. Inmiddels staat dit seizoen de teller op twaalf treffers, waarvan dus enkele heel belangrijke. “Heerlijk. Ik maak er ook liever minder, maar wel dat ze belangrijk zijn dan dat ik er twintig maak en steeds het de 5-0 is ofzo. Bovendien is het heerlijk voetballen in de spits samen met Frank en Rob den Engelsman. We voelen elkaar goed aan en ik kan bovendien heel erg veel van die mannen leren. Ze geven me ook tips waardoor ik echt een betere speler word en ik mezelf wekelijks nog ontwikkel. Erg waardevol.”

Waar De Witte in 2005 vanuit Nieuw-Beijerland naar Sint-Philipsland, daar voelt hij zich sinds hij er lid werd enorm op zijn plek bij de club uit zijn woonplaats. Hij kijkt ook uit naar de nacompetitie om daar zichzelf van zijn beste kant te tonen en nogmaals wil proberen van waarde te zijn. “Ik wil voor mezelf de lat altijd zo hoog mogelijk leggen, maar moet nog meer rust in mijn spel krijgen. Ook moet ik nog leren om meer overzicht te houden voor de goal, want dan zou ik nog meer assists op mijn naam hebben en wellicht ook meer goals. En als ik dan zoals tegen De Fendert in de laatste minuten de kans op de winnende om zeep help… Dan ben ik daar echt een heel weekend doodziek van. Dat soort elementen in mijn spel wil ik verder verbeteren. Maar daar heb ik gelukkig nog voldoende tijd voor.”

Bovendien kijkt hij ook uit naar volgend seizoen. Naar de samenwerking met de nieuwe trainer Perry Snoep, huidig trainer van SKNWK, die Ad Palings zal opvolgen. “Ik heb alleen nog maar Ad Palings als trainer meegemaakt natuurlijk. Dus een nieuwe trainer biedt weer nieuwe inzichten en uitdagingen. Ik wil kijken hoe ik mezelf daarbij ontwikkel. Ik heb het in het systeem waarin we nu spelen met drie steeds bewegende spitsen erg naar de zin. Maar als spelers en ploeg moet je jezelf telkens weer uitdagen en dan is een nieuw gezicht na vier jaar wel goed. In de competitie zit het allemaal heel dicht bij elkaar en kunnen we op het eind of vijfde of zelfs nog als tiende eindigen…. Daarin hebben we door die slechte start niet het constante niveau gehaald wat zou moeten. Het zou daardoor natuurlijk geweldig zijn om dit seizoen via de nacompetitie alsnog een heel mooi slot te kunnen geven. We hebben dankzij die mooie reeks overwinningen onszelf met een periodetitel beloond. Dus is het ook aan ons om de huid zo duur mogelijk te verkopen tijdens die extra wedstrijden. En wie weet hoever we dan nog kunnen reiken. Als ik daarin zelf dan ook weer belangrijk kan zijn voor het team, dat zou het plaatje helemaal compleet maken.”