De Klerk dolblij met vertrouwen Zwaluwe: ‘Je mag hier op je bek gaan’

Vincent de Klerks belangrijkste doel voorafgaand aan dit seizoen was het terugbetalen van het vertrouwen dat voetbalvereniging Zwaluwe in de Zuid-Hollander stelde. “Het is een geweldige kans voor iemand zonder ervaring.”

Van kleins af aan wist De Klerk al dat hij trainer wilde worden. “Ook de droom om een eerste elftal te trainen is er al lange tijd. Ik vind het echt een mooie uitdaging om die gasten steeds weer een diverse training voor te schotelen, met het groepsproces bezig te zijn en duidelijk te communiceren.” Hij rook vorig seizoen al aan het trainersvak en liet zien talent te hebben: met een achterstand van dertien punten en nog tien wedstrijden te gaan, toverde hij een Houdini-act tevoorschijn door Papendrecht voor degradatie te behoeden.

Zwaluwe kende hij nauwelijks, maar toch leken de club en de trainer voor elkaar gemaakt. “Ik kwam hier terecht via een tip van een andere trainer, die wist mij te vertellen dat ze bij Zwaluwe een jonge en ambitieuze trainer zochten. Ik heb gesolliciteerd en het klikte meteen. De Brabantse gemoedelijkheid ligt me wel. In Rotterdam en omgeving lig je er na vier nederlagen uit, hier mag je op je bek gaan. Dat heb ik ze ook gevraagd tijdens de gesprekken, wat ze zouden doen als ik twaalf wedstrijden op rij zou verliezen. Toen zeiden ze: ‘Als de spelersgroep blij met je is, mag je gewoon blijven.’ Je krijgt hier de ruimte om ergens aan te bouwen, dat waardeer ik heel erg. En om op dit niveau te beginnen, dat is echt een buitenkans.”

Want volgens De Klerk zijn er maar genoeg trainers die graag in zijn schoenen zouden staan. “Ook mannen met veel meer ervaring, die nu thuiszitten. Als ik om me heen kijk en de trainers waar wij soms tegen spelen zie, denk ik wel: dan is het toch eigenlijk geen gezicht dat hier het groentje De Klerk zit.” En toch gaat het tot nu toe geweldig met Zwaluwe in de tweede klasse. “We hebben gewoon een hele stabiele groep. Er staat een goede keeper, een hele degelijke achterhoede waardoor we weinig goals tegen krijgen, daarvoor een middenveld met harde werkers én sierlijke voetballers en in de spits onberekenbare aanvallers.” Dat zorgt ervoor dat Zwaluwe in het eerste seizoen na de promotie naar de tweede klasse op het moment van schrijven ‘gewoon’ in het linkerrijtje meedraait. “Dat terwijl ik blij was geweest als we ons direct zouden handhaven. Het gaat gewoon heel goed, ik vind het erg fijn dat ik het vertrouwen heb gekregen, ook nadat we acht van de negen wedstrijden in de voorbereiding verloren.”

Hij noemt zichzelf een duidelijke trainer, die al zijn beslissingen goed uitlegt en kijkt of er wel genoeg draagvlak is in de spelersgroep. “Ik ben docent Lichamelijke Opvoeding en weet dus hoe belangrijk het is om duidelijk te communiceren met je leerlingen. Het was voor mij wel erg fijn dat het met de discipline al goed zat dankzij mijn voorganger Jack Beusenberg.”

Wat De Klerk nog lastig vindt, is afstand houden tot de spelersgroep. “Ik ben ook nog maar 32 jaar oud en vind het echt heel gezellig bij Zwaluwe, de verleiding is dan ook heel groot om mee de stad in te gaan na een wedstrijd. Toch doe ik dat bijna nooit, omdat ik een bepaalde afstand wil houden. Ik ben niet hun vriend, maar hun trainer. Ze moeten ook de ruimte krijgen om met wat bier op over mijn keuzes te klagen, haha.”

De inwoner van Hendrik-Ido-Ambacht hoopt nog een paar jaar door te mogen werken in Lage Zwaluwe. “Ik koester wat ik heb, het is mijn wens om hier langer te blijven en aan hele mooie jaren te bouwen. Maar ik weet ook: er hoeft maar iets te gebeuren binnen een spelersgroep en je positie ziet er opeens heel anders uit.”