Berry de Ram (23) is het type speler waar elke trainer dol op is. Hij werkt hard, doet er alles voor om het maximale uit zichzelf te halen en moppert nooit. Dit seizoen knokte hij zich in de basis bij TSC.

Vier keer per week staat de vleugelaanvaller op het voetbalveld en daarnaast is hij nog twee à drie keer te vinden in de sportschool. “Op bepaalde punten kan ik nog progressie boeken, ik kan er meer uit halen als mijn fysieke kracht toeneemt”, zegt De Ram. “Ik wil geen snelheid verliezen, maar je moet vooral weten waar je mee bezig bent in de sportschool. Veel herhalingen en focussen op explosiviteit, dat is belangrijk voor een buitenspeler.”

Hij kijkt graag naar Memphis Depay. “Dat soort types waardeer ik wel om hun werklust. Je hoort iedereen van alles zeggen over hem, maar hij heeft de laatste tijd een rendement waar je bang van wordt. Hij is een werkpaard binnen het veld. En hij weet echt wel waar hij in de sportschool mee bezig is hoor.” Hij is zelf ook zo’n type dat er alles uit wil halen. “Ik zie zo veel jongens die er echt meer uit kunnen halen als ze er net wat meer voor leven. Op zaterdagavond ga ik bijvoorbeeld nooit tot in de late uurtjes op stap, dat is ondenkbaar voor mij. Wie prestatievoetbal speelt, moet daar ook iets voor laten.”

De Ram voetbalt van jongs af aan al bij TSC, maar maakte in het seizoen 2015-2016 plotseling een opvallende uitstap. “Ik begon in 2013 bij de senioren van TSC, maar had het idee dat we in een negatieve spiraal terechtkwamen na twee degradaties op rij. Ik had echt behoefte aan een nieuwe omgeving, het plezier in het voetbal moest terugkomen. Ik ben één jaar gaan spelen bij het zaterdagteam van DIA, dat bestond uit veel jongens die bij TSC hadden gespeeld. Ik kreeg al snel heimwee naar de club waar ik uiteindelijk het liefst voor speel, dat is namelijk TSC. Dat wil overigens niet zeggen dat ik het seizoen bij DIA als een verloren jaargang beschouw, in tegendeel. Maar het jaar daarop ben ik weer teruggekeerd bij TSC. De organisatie stond veel beter, er was een nieuwe staf en die had een visie waar ik me goed bij voelde.”

Ad van Seeters en diens assistenten gingen drie keer per week trainen, wat De Ram sowieso al kon waarderen. “Daarnaast sloten de ideeën van de nieuwe trainers over het voetbal heel erg bij mij aan. Het voelde ook direct als een warm bad, terug bij TSC. Ik was weer thuis.”

En toch stond De Ram tot de afgelopen winterstop in het tweede. “Ik heb altijd tussen het eerste en tweede gehangen. Nu kreeg ik de aanvoerdersband in het tweede elftal. Wij stonden met dat team in de winterstop op de tweede plek, het ging goed. Na een evaluatie is besloten mij naar het eerste te halen voor de tweede seizoenshelft. Ik begon met wat invalbeurten, dat ging zo goed dat ik een basisplaats kreeg.” Hij merkt dat zijn positieve instelling zich nu uitbetaalt. “Ik geef niet snel op. Als ik denk iets te kunnen bereiken, doe ik daar alles voor.”

Hij vindt dat TSC dit seizoen moet promoveren, want de derde klasse is niets voor de ploeg uit Oosterhout. “Niet alleen qua spel, maar ook als je kijkt naar de ambitie die de hele club uitstraalt, horen wij eigenlijk in de eerste klasse thuis. De afgelopen twee seizoenen is het steeds net niet gelukt om te promoveren, waar dat aan ligt vind ik lastig te zeggen. We zijn er twee jaar zo dichtbij geweest, nu is het tijd om daadwerkelijk te gaan promoveren.”

Total
42
Shares