‘Heinenoord-prikkel’ is goed voor Leon Steketee

Met de keuze voor SV Heinenoord, in de zomer van 2016, sloeg Leon Steketee bewust een nieuwe weg in. De lange verdediger kreeg bij de dorpsclub de prikkel waar hij op hoopte: “Prestatie en gezelligheid gaan hier hand in hand.”

“Ik ben een voetbaldier, maar ik vind het ook belangrijk dat we na de training of wedstrijd met spelers samen wat drinken. Daar was ik echt naar op zoek”, zegt de 29-jarige logistiek medewerker. “Prestatie, gezelligheid. Heinenoord heeft daar de ideale mix van. Jongens van de club, spelers van buiten die ook graag onderdeel willen uitmaken van de club. Samen vormen we één geheel. Ik denk ook dat je dat terugziet in het veld. We hebben veel voor elkaar over.”

Steketee speelde zeven jaar voor het Ridderkerkse RVVH, de club waar hij ooit begon en na een avontuur in de jeugdopleidingen van Feyenoord en Excelsior, weer terugkeerde. “Bij Feyenoord heb ik het volgehouden tot de C-tjes toen ik te horen kreeg dat ik weg moest. Bij Excelsior heb ik daarna zes jaar gespeeld. De laatste jaren bij Jong Excelsior. Ton Lokhoff was hoofdtrainer. Ik wachtte op mijn kans. Ik had het spelen in die lege stadions wel gezien. Achteraf bekeken had ik toen meer geduld moeten hebben, maar ja. Ik was achttien, negentien jaar. Dan wil je maar één ding: voetballen.”

‘Oude liefde’ RVVH sloot Steketee in de armen en bij ‘Hercules’ beleefde de verdediger mooie jaren. “Ik heb er Topklasse gespeeld.” Maar hij kreeg er ook te maken met fikse tegenslag. Door blessures verloor hij kostbare voetbaljaren. “Ik heb veel zware blessures gehad”, kijkt Steketee terug. “Drie keer heb ik in die periode een klaplong opgelopen. Twee keer ben ik eraan geopereerd. Ik heb een zware knieblessure gehad waarbij mijn voorste kruisband was afgescheurd. Dat heeft me anderhalf jaar gekost.”

Toch vocht Steketee zich steeds terug in de basiself van RVVH. Na zeven jaar nam hij het besluit te vertrekken. “Ik was toe aan iets anders. Een nieuwe prikkel, een andere omgeving. Daar kwam bij dat er bij RVVH veel in de selectie zou gaan veranderen. Veel jongens, met wie ik al jaren speelde, gingen weg. Dat was ook voor mij een signaal om naar iets anders uit te kijken.”

En toen belde SV Heinenoord. “Ik kende de club van de verhalen. Een dorpsclub, goede sfeer. Dat sprak me aan. Het eerste gesprek dat we hadden voelde ook meteen goed. De club bleef daarna contact houden. Qua niveau was het een stap terug, want RVVH speelt een klasse hoger, maar qua omgeving juist een stap vooruit. Ik was, zo eerlijk ben ik wel, wel klaar met drie keer trainen. Bij Heinenoord trainen we twee keer en dat past beter bij mijn leefomstandigheden”, aldus Steketee, die in het centrum van Rotterdam met zijn vriendin een appartement bewoont.

Bij SV Heinenoord heeft Steketee in ieder geval niet te klagen over voetbalbeleving. “Dat is er meer voldoende. De club leeft, iedereen leeft mee met de prestaties van het eerste. De mensen vinden het ook fijn dat je na afloop van de training of wedstrijd je gezicht laat zien. Dat sociale speelt een belangrijke rol.”

Dan zijn er nog de ambities op het veld. Steketee: “Dat SC Feyenoord kampioen wordt, dat lijkt me wel duidelijk. Met drie, vier andere ploegen moeten wij de strijd aan voor de tweede en derde plaats. Wij zijn een gevaarlijke outsider.”