Regillio van Buuren schrikt niet van degradatiestrijd

Nieuwenhoorn

Vijf jaar had Nieuwenhoorn uitgetrokken om op zaterdag eersteklasser te worden. Het project ‘Eilands Glorie’ verliep echter voortvarender dan verwacht. In twee jaar tijd promoveerde de club uit Hellevoetsluis van de derde naar de eerste klasse.

Van Buuren is dus weer terug op het niveau waar hij met zijn vorige club Brielle speelde, in de eerste klasse. In Brielle was zijn uitzicht op speeltijd twee seizoenen geleden gering. “In mijn laatste seizoen was ik al een soort van twaalfde man. Dat voelde al niet fijn, maar toen de technische beleidsbepalers het plaatje voor het seizoen daarop gingen invullen, was voor mij al snel duidelijk dat ik veertiende, vijftiende en misschien wel nummer zestien zou worden. De tweede viool spelen, daar had ik geen zin in. Ik was 27 jaar en dat is een leeftijd waarop je elke week moet spelen. Spelplezier is mij heel veel waard”, aldus Van Buuren, die tegenwoordig in het ‘hart’ van de defensie opereert.

Nieuwenhoorn, in het verleden zeer succesvol op de zondag – het speelde jarenlang in de hoofdklasse – , pikte de van origine aanvaller op. “De club was naar de zaterdag gegaan en had plannen om weer hogerop te gaan. Aan dat project ‘Eilands Glorie’ wilde ik me graag verbinden.”

Van Buuren moest wel accepteren dat hij met Nieuwenhoorn in de derde klasse moest beginnen. “We hadden al wel een heel goede selectie. We speelden in de derde klasse, maar het elftal was ingekocht voor een hoger niveau. We werden dan ook met vlag en wimpel kampioen en wonnen de beker.”

Dat Nieuwenhoorn een goed elftal had, bleek een seizoen later. De ploeg van het eiland Voorne-Putten greep weliswaar naast het kampioenschap, maar promoveerde via de nacompetitie. “Er kwam een extra plaats vrij, dat was ons geluk. Drie jaar eerder dan gepland dwongen we al promotie naar de eerste klasse af. Als je die kans krijgt, zeg je natuurlijk geen ‘nee’.”

Tegelijkertijd wist men in Hellevoetsluis dat in de eerste klasse groeistuipen aan het licht zouden komen. “We zitten als club nog midden in de opbouw. Het was de bedoeling dat alles rustig zou meegroeien met het niveau. De organisatie, de selectie, de ontwikkeling van de spelers. Alles is in een stroomversnelling gekomen.”

Daarom schrikt Van Buuren niet dat Nieuwenhoorn in de eerste klasse in een degradatiestrijd is verwikkeld. “Het is een logisch gevolg, we wisten dat we een paar keer tegen een flinke zeperd zouden aanlopen. Het verschil tussen tweede en eerste klasse is groter dan tussen derde en tweede klasse. Ik ben van mening dat ons spelersmateriaal goed genoeg is om er in te blijven. We zullen hard moeten werken als team, als dat besef er is, eindigen we op een veilige plaats.”

Wrok richting Brielle koestert de vertegenwoordiger in luchtfilters niet. “Die mensen die het destijds voor het zeggen hadden, zijn inmiddels weg. Ja, het afscheid had allemaal wat netter gemogen, maar Brielle is verder gegaan en ik ook. Ik voel me op mijn plek bij Nieuwenhoorn. Veel oud-eerste elftalspelers zijn betrokken bij het technische beleid van de club. Die leggen de lat hoog. Dat vind ik ook het fijne aan Nieuwenhoorn. Ze kijken hier verder dan de uitslag alleen. Resultaat is belangrijk, maar de manier waarop er gevoetbald wordt óók. Daaraan kun je zien dat deze club een groot verleden heeft.”